|
Vaststelling vermogen en schulden (hypotheek) Het feitelijk bestaan van de schuld van betrokkene aan haar dochters is in voldoende mate aannemelijk is gemaakt. De vraag of sprake is van een daadwerkelijke terugbetalingsverplichting moet echter ontkennend worden beantwoord. Met de schuld is terecht geen rekening gehouden, zodat de bijstand terecht als lening onder verband van hypotheek op de woning is toegekend (gemeente Haarlemmermeer) |
| 29-09-2009 |
Voor het beoordelen van de schuld stelt de Raad voorop dat deze aflossing na 360 maanden niet reëel is, althans op zijn minst erg onzeker, gelet op de leeftijd van betrokkene ten tijde van het afsluiten van de lening. Voor zover de aflossing is gekoppeld aan de verkoop van de woning is er evenmin sprake is van een reële terugbetalingsverplichting, nu deze afhankelijk is gesteld van een toekomstige onzekere gebeurtenis.
In het verlengde hiervan kan niet gesproken worden van een reële verplichting tot betaling van de overeengekomen rente, nu ook deze is uitgesteld en is gekoppeld aan de aflossing. Bovendien is rentebetaling temeer onzeker, aangezien er niet zonder meer van kan worden uitgegaan dat de opbrengst van de woning bij eventuele verkoop voldoende zal zijn voor het (volledig) voldoen van de hoofdsom alsmede het verschuldigde bedrag aan rente.
Verder acht de Raad van belang dat betrokkene uitsluitend in staat is haar woonlasten uit haar inkomen op bijstandsniveau te voldoen omdat zij feitelijk, in ieder geval zo lang zij in de woning verblijft, niet hoeft af te lossen en geen rente hoeft te betalen ter zake van de schuld aan haar dochters.
|
www.bijstandszaken.nl
BZK 2009/62
|